De Gluurkauw 

Over zichtbaar zijn, verdwalen in gedachten en de moed om jezelf te laten zien


Soms denk je dat je ergens alleen wandelt en niemand je ziet. Totdat ik ineens een paar ogen tussen de boombladeren zie oplichten. Uit een donker hol in de boom steekt de kop van een kauw. Hij houdt zijn omgeving scherp in de gaten. Zodra ik te dichtbij kom, vliegt hij weg. Ik betrap mezelf erop dat ik me even bespied voel. En ik vraag me af: wat zegt dat over mij?

Ik wandel verder, op deze heerlijke rustige ochtend, over die mooie stille weg tussen de huizen, wilgenbomen en weilanden. Plots komt er een man me tegemoet. Hij groet me spontaan alsof hij mij al jaren kent, terwijl ik hem niet ken. En zegt tot mijn verbazing: “Loop je nu eens een andere route? Ik zie je altijd in die-en-die buurt lopen met je honden. Ja, ja, ik hou je in de gaten hoor, dat merk je zeker wel!” Huh?... Natuurlijk, hij kent me van de honden maar ik ken hem niet. 


Als hij voorbij is, dwalen mijn gedachten weer af. Dan word ik opgeschrikt door een racefietser. Ik besef dat ik beter op mijn omgeving moet letten, want als ik in gedachten ben dan verdwijn ik erin. Ik geniet ervan om verder niemand tegen te komen. Het liefst word ik helemaal niet gezien. Het voelt zo veilig om ongemerkt door het leven te wandelen.

Maar ook als ik denk dat niemand kijkt, blijkt de ander soms meer te zien dan ik zelf zie (en wil zien). En ook merk ik soms dat ik mijn gedachten of verhaal soms liever voor me houd, in plaats van ze te delen en uit te spreken. Dat geeft rust en veiligheid, maar ik baal er ook wel eens van. Het is een oud patroon dat me minder zichtbaar maakt dan ik zou willen. Ik blijf heen en weer bewegen tussen die stilte en het verlangen om echt gezien te worden. De kauw bleek mijn Boodschapper uit de natuur: een spiegel voor mijn eigen zichtbaarheid. Misschien gaat het er minder om of ik altijd vlekkeloos uit de verf kom en meer om dat ik stap voor stap uit mijn hol kruip, zichtbaar, en op mijn manier: soms in kleine stapjes, soms verscholen in het hol, soms helemaal zichtbaar, soms aarzelend aan de oppervlakte, soms teruggetrokken in stilte, soms volop in het licht, soms zoekend en tastend, soms stevig en vol vertrouwen. 


Enne... misschien had ik beter een struisvogel kunnen tegenkomen, die zag mij tenminste niet 😉